Ik ben een cadeautje!
Voor na de les Het allerzachtste cadeautje.
Vertel dat alle leerlingen nu ingepakte cadeautjes zijn en klaar om uitgepakt te worden. Wat zou erin zitten? Ik ben heel benieuwd!
Vertel dat je zelf een ingepakt cadeautje bent en pak jezelf uit. Maak scheurgeluiden en doe alsof je papier van je aftrekt. Verander daarna in de inhoud van het cadeautje. Kies iets herkenbaars en simpels, zoals een hond of een robot. Beweeg als het cadeautje door de kring en laat de leerlingen raden wat jij uitbeeldt.
Als het is geraden, vraag je welke andere cadeautjes je kan uitpakken om te zien wat erin zit. Wijs 3 tot 5 leerlingen aan (dit hangt af van de groepsgrootte) en fluister in hun oor wat voor cadeau ze zijn. Laat ze als een ingepakt cadeautje op de grond liggen en pak ze uit met veel lawaai. Hiervoor hoef je de leerlingen niet aan te raken. Beweeg boven hen langs.
Als de leerlingen zijn uitgepakt, mogen ze laten zien hoe hun cadeau beweegt. Soms helpt het om zelf ook mee te doen. Als ze een tijdje het cadeau zijn, mogen de andere leerlingen raden. Is het geraden, dan mag er een volgend groepje.
Verschillende cadeautjes die je kan uitpakken:
Robot, hond, danser, kat, raceauto, baby, vliegtuig, slang, kikker.
Afsluiting
Sluit af door iedereen nog één keer samen uit te pakken:
“Scheur het papier open en spring eruit!”
Laat de kinderen groot eindigen met armen wijd en een blij gezicht: Wij zijn cadeautjes!